Op de fel bestofte vensterbank staat een foto van de koning en de koningin. Ze praat er nog graag over, als je het haar vraagt. Ze werd verleden jaar voor de eerste keer in honderd jaar in de bloemetjes gezet. De pastelkleurige vazen die ze bij deze gelegenheid kreeg, staan bovenop de oubollige kleerkasten. Wie geeft er nu in godsnaam vazen aan een honderdjarige?
Honderd is ze uiteindelijk geworden en de rest van datzelfde jaar gebeurde er niets. Ze heeft enkel nog een verre neef die haar komt bezoeken en de thuiszorg komt als ze wakker is.
Ik vond vandaag een briefje: “Verpleegster was hier, ze deed niet open, daag.”
Elke dag eet ze twee chipolataworstjes met aardappeltjes en worteltjes. Zo staat het klaar in de ijskast. En als het er niets staat, maakt ze zelf een boterhammetje klaar, altijd met garnaalsla, dat lust ze zo graag. Een stukje banaan en een lepeltje magere yoghurt, dan een pilletje. Zo doet ze dat viermaal en vervolgens zet ze de vettige pillendoosjes netjes terug waar ze ze gevonden heeft. Als ze moet horen wat ik zeg, reik ik haar het vieze gehoorapparaatje aan voor het ene oor dat nog kan luisteren. Op één oog is ze blind, met het andere ziet ze enkel nog contouren.
Na vijf minuten opent ze de deur. Ik zie de witte schimmen verschijnen van haar wijde kimono. De mouwtjes en het colletje zijn roze en wit. Ze lacht altijd, ik word telkens goedgezind als ik haar zie. Ze raapt de post op. Een vroeg kaartje voor haar honderd en eerste verjaardag. Ze opent het niet; haar neef zal haar wel vertellen wat erop staat.
Op haar kalendertje is de negentiende van deze maand omcirkeld. Heel toevallig heb ik een pateeke voor haar meegebracht: een crème-au-beurretaartje. “Is dat voor mijn verjaardag?” vraagt ze me lachend. Het is een maand geleden dat ik haar zag. Ze vraagt naar mijn naam.
Na het middageten mag ik haar helpen met het aankleden. Eerst de nylonkousen, daarna het hemdje, vervolgens het corset met oogjes en haakjes en dan de overgrote onderbroek. Ze stapt in de rok die ze al maanden draagt, een exemplaar waarvan de zoom telkens moet omgeplooid worden. Daarna schiet ze een schort aan om niets vuil te maken, een voor haar noodgedwongen gewoonte uit lang vervlogen tijden.
Ik kam haar luttele haartjes, ze zegt me dat ik forser mag trekken. Ik doe het niet goed, ze leert me hoe het beter kan.
Ze vraagt me of ik kan naaien en reikt me een vieze pyjamabroek aan. Er moet een haakje aan worden bevestigd om de broek te kunnen ophangen. Gedegouteerd naai ik een lusje. Ze is overblij.
Het is intussen twee uur geworden. Ze bedankt me voor het gebakje. Ze is moe en wil nu alleen gelaten worden.
De negentiende van deze maand wordt ze honderd en één.
Aan degenen die haar een kaartje willen zenden, geef ik graag haar adres.
Ik zou van haar een foto moeten nemen want ze is zo mooi.
Wordt een meer dan honderdjarige ook gevierd? Ik zou op haar verjaardag bij haar willen zijn, want ze wil zo graag een taartje met slagroom. Zonder meringue, want daar krijgt ze diarree van.

Lecompte mag zijn duizend jaar houden. Honderd is al te veel. Zelfs niet voor vijf Chelonen die het zo ontroerend kunnen beschrijven.
Oudjes kunnen schattig zijn. Ik hoop ooit ook zo’n schattig oudje te worden. Maar 101 jaar hoeft nu ook weer niet.
Zolang ze gelukkig is, waarom niet ? Voor mij hoeft het niet.
Prachtig en aangrijpend geschreven.
Het enige wat telt is hoe zij zich voelt.
Als je me het adres bezorgt stuur ik een kaartje
Heel mooi … ook al is het wel verdrietig, toch word ik optimistisch van jouw verhaal.
nog twee keer slapen, hopelijk lukt haar dat een beetje
Raak verwoord.
101 jaar… ik vraag me af hoe zo’n oudjes zich werkelijk voelen. Tevreden over hun geleefde leven of opgeleefd en wachtend tot onslieveneer ze komt halen?
een prachtig verhaal.
Bij ons krijgen de honderdjarigen een tinnen schaal. Ook zoiets volkomen nutteloos.
Eigenlijk voel ik enkel tristesse. Wie blijft er rond jou over wanneer je honderd bent en je misschien zelf al je bejaarde kinderen al hebt zien sterven en je eventuele kleinkinderen misschien enkel nog aandacht hebben voor hun kleinkinderen. Ik weet het zo nog niet of ik dat wel wil. En ik mag er vooral niet aan denken om “schattig oudje” genoemd te worden.
Je verhaal doet me denken aan de mooie documentaire die Lucas Vander Thaelen ooit maakte over zijn 100-jarige grootmoeder. (in de reeks Striptease vd RTBF)
Zo oud zou ik nooit willen worden. Maar toch wens ik haar van harte een gelukkige verjaardag toe!
Aangrijpend mooi!