Feeds:
Berichten
Reacties

Archive for maart, 2008

De boom in

Mijn dochter is naar Marokko geweest. Zon, zee, strand. Strand, zee, zon. Zeven dagen lang. Geen memorabele belevenissen. Met z’n tweetjes waagden ze zich aan een ‘culturele’ en begeleide busuitstap naar een visserdorpje. De andere twee bleven liever in de zon liggen.

Half inslapend hoorden ze nog net de hallucinerende woorden van de gids: “Regardez, à votre gauche, des chèvres dans les arbres.”

Van de – hou u vast – zes (!) foto’s die ze mee naar huis bracht, zijn dit er twee. De verre reis waard, zou ik zo zeggen.


Read Full Post »

Mijn rug op

 

 

Enige tijd geleden ondergeschatte ik het draagvermogen van mijn rug. Het gesjouw met die laatste zware kruiwagen gevuld met natte aarde zal er teveel aan geweest zijn, want gisterenmorgen raakte ik met de beste wil van de wereld letterlijk mijn bed niet meer uit.

De rugpijn, die zich al van enkele dagen tevoren had gemanifesteerd, was uitgegroeid tot een helse marteling. Er was bovendien niemand in huis die me kon helpen. Mijn dochter kwam vanmorgen pas thuis uit Marokko. Gelukkig werd ze door vrienden opgehaald; rijden zag ik al helemaal niet zitten.

In bed blijven liggen had geen zin omdat ik geen ligzijde meer kon bedenken die nog enigszins comfortabel was. Ik moest te allen prijs beneden geraken om de ontstekingsremmende Brufen te bereiken. Het werd een quasi ondraaglijke onderneming.

Algauw bleek dat zitten, staan of wandelen ook geen oplossing boden. Er zat dus niets anders op dan mijn huisdokter te bellen. Zijn voicemail gaf me een nummer van de dokter van wacht.

Nadat ik mijn situatie kort uiteengezet had, werd mij allerlei voorgesteld: dat ik naar de apotheker van wacht moest rijden (onmogelijk wegens mijn immobiliteit), dat een huisgenoot mij een sterkere pijnstiller zou gaan zoeken (onmogelijk zonder aanwezigheid van een andere levende ziel in huis en zonder doktersvoorschrift), dat ik een buur zou opbellen die misschien zo een middel in huis zou hebben (de meeste buren zijn hier met vakantie). Echter, mijn voorstel om een dokter te mogen ontvangen die me op een efficiënte manier zou helpen, werd afgewimpeld. Ik mocht wel na een uurtje terugbellen moest ik me nog niet beter voelen. Die mevrouw geloofde er klaarblijkelijk tenvolle in dat ik me daarna weer beter zou voelen met een of ander flutmiddel uit mijn apothekerskastje.

Het werd me duidelijk; ik moest er nóg erger aan toe zijn voor ik het geluk zou hebben geholpen te worden. Nochtans: zitten, staan, liggen of stappen kon ik nauwelijks tot niet en ik leed verdomd helse pijnen.

U ziet van hier dat ik dat telefoonnummer na een uurtje nog eens zou intikken. Ik ging nog liever dood, zodat geen enkele dokter meer tot hier zou moeten komen.

Uit pure onmacht probeerde ik enkele buren telefonisch om hulp te smeken. Bij de derde poging had ik succes; buurman Gert had nog vier Dafalgans codeïne in huis die ik mocht lenen. Net voldoende om gisteren en afgelopen nacht door te worstelen en van heel veel  pijn naar net iets minder pijn te sukkelen. Hij zou me die binnen de vijf minuten brengen. Wat een schat.

De eerder opgebelde huisartsenkring ‘Dijle en Netevallei vzw’, met hun tweehonderd en achttien aangesloten artsen, zal het een zorg wezen hoe ik de laatste uren heb doorgebracht. Wel werd mijn oproep genoteerd, samen met mijn adres en mijn telefoonnummer. Die vereniging zonder winstoogmerk kan intussen een oproep meer optekenen in haar statistieken. Eentje van mij, een vrouw met heel veel pijn die op zijn minst wat meer hulp had verwacht. Of beter: die wat hulp had verwacht.

Vandaag gaat het al ietsje beter. Mijn huisarts is vanmiddag langs gekomen en heeft mijn achterwerk door middel van een overmaatse spuit van een extra gaatje voorzien. Duimen maar dat dit stevige shot binnen de kortste keren weldadig explodeert ter hoogte van mijn rugspierontsteking. Ik ben het kreupel lopen onderhand aardig beu.

Read Full Post »

Stokje: bedgeheimen

 

Georgina gooide me een stokje toe: mijn bedgeheimen. Gaat ie!
Vier jaar geleden voelde mijn slaapkamer nog aan als eng, klein en donker. De lange muur waar mijn kleerkast tegen stond, ontnam me alle zicht op de tuin. Daar moest en zou een raam in komen. Jarenlang heb ik gespaard tot ik er uiteindelijk een groot gat heb in laten kloppen. Vanuit mijn bed kan ik nu eindelijk de reiger zien (en op het moment van dit stokje zelfs een volledig besneeuwde tuin) die met schalkse oogjes het visbestand van mijn vijver viseert.
De deur naar de badkamer werd eruit gevezen. In de plaats daarvan hangt nu – enigszins scheef – een oriëntaals geïnspireerd slingergordijntje.
Mijn bed kraakt en kent daarom, als geen ander, de geheimen die wij samen met niemand anders willen delen; een dennenhouten Ikeabed uit de tachtiger jaren met ronde doppen op het voeteinde. Het heeft ooit nog in een heus kasteel omringd door grachten en een kerk gestaan. Destijds nog te weinig ‘gebruikt’, werd het langs de rechterkant verlaten door mijn toenmalige wederhelft die plots een ander bed verkoos. De matras ervan was aan vervanging toe nadat een corpulente manspersoon en diens vrouwtje er een gat hadden in gelegen toen ze mijn huis en kinderen bewaakten tijdens een veertiendaagse reis. Mijn bed verhuisde vier keer en zal hier nu waarschijnlijk blijven staan tot we beiden tot as zullen worden herleid. Zo een brede stee is dezer dagen trouwens onbetaalbaar geworden.
Wat mijn kamer betreft: hebben de schilders gelachen toen ik er een cabardouchke wilde van maken. Ik wilde koste wat het kost het warme rood op de muren dat maar niet rustgevend rood wilde worden! Planten in mijn kamer? De enige die het uiterst goed doet in slaapkamers staat er: de Cycaspalm. Hij stelt zich tevreden met een tweewekelijkse watergift.
Recht tegenover me heb ik zicht op een oude commode die haar spiegel mist. Dat reflecterende gedrocht staat op zolder wegens ongewenst. Enkel zijn steunen zijn op de kast blijven staan. De fiftieszetel uit dieprood skaileer heb ik van een veiling op eBay toen het daar nog heel interessant bieden was. Zenuwslopend ging het er toen aan toe, maar uiteindelijk was ik de snelste van de vele geïnteresseerden. Vraag me niet op welke wijze ik die fauteuil via het terras door het slaapkamervenster heb gehesen (I know; slaapkamergeheimen!).
De verrolbare (Ikea-)ontbijtplank waar ik mijn bed enkele jaren geleden mee verrijkte, was een van mijn beste koopjes ooit. Daarop schik ik de gestreken was en plaats er mijn dagelijkse Yakultje, krant, sudoku en kopje koffie op.
Ik heb ook nog twee letterbakken hangen in mijn slaapkamer met een verzameling die – voor mij  enkel uit meneerkes en madammekes mag bestaan. Gekocht op rommelmarkten. Zo heb ik altijd iets te bekijken als ik niet naar de ernaast hangende foto van mijn twee knappe dochters kijk.
En dan zijn er natuurlijk ook nog de beertjes die voor nog meer warmte zorgen. Ik kreeg ze van Madam Menck. Een voor een zijn ze handgemaakt.
En ik ben alleen! (Lalalalalalalalalalalalalalalalala – Uit dit liedje van Kinderen voor Kinderen)

Read Full Post »

Ook ik kan soms ongelukkige uitspraken doen. Gelukkig blijven ze binnenskamers en ik hoef ik me er me enkel bij mijn kinderen en naasten voor te verontschuldigen. Soms heb ik ook eens een slechte dag en wil ik die gevoelens graag spuien over mijn blog of in de reacties bij andere bloggers. Het komt voor dat ik daar dan enkele nachten niet van kan slapen, me afvragend of ik niet te ver ben gegaan, en of ik daarmee niemand heb pijn gedaan.

Gelukkig ben ik geen politieker, al zou ik heel veel willen veranderd zien in dit kleine landje waarin wij als een goed mens proberen te leven. Zo stoot elke uitspraak van gelijk welke politieker ooit wel eens tegen de borst van één van de elf miljoen eventueel gedupeerde zielen in ons koninkrijk. Ik dacht nochtans dat vooral zij, onze vertegenwoordigers, met persoonlijke uitspraken heel voorzichtig zouden moeten omspringen.  

Ik dwaal af als ik me afvraag welke interessante informatie er voor tegenstanders van Barack Obama, Hillary Clinton of John McCain te vinden zijn in hun paspoort. Maar het zou me wel benieuwen. Een Visastempel naar één of ander exotisch eiland waar Amerika geen weet van heeft? Of een DNA-vlekje van een vroegere scoutgeliefde misschien. Ze zoeken het ginder maar uit.

Soit, politiekers moeten uiterst omzichtig zijn met wat ze openbaren en dat heeft Guy Verhofstadt, die nu een boek wil gaan schrijven, in mijn ogen helemaal niet gedaan. Meer nog, Guy’s woorden hebben me veel pijn gedaan. Zodanig zelfs dat ik hem persoonlijk zou willen schrijven om hem te vragen of hij zijn tong de volgende keer zeven keer zou willen omdraaien vooraleer hij nog een “intelligente” uitspraak doet. In mijn ogen was hij meer fout dan de veel meer christelijk geïnspireerde Leterme die de echte woorden van ons volkslied niet zo meteen meer wist te vinden.  

“Hugo Claus is als een gloeiende ster van ons heen gegaan, precies op tijd, precies vooraleer hij tot een plomp zwart gat zou zijn ineengeklapt”. 

Mijn lieve ex-premier, mijn nu dementerende moeder was nog veel meer dan een gloeiende ster. Is ze nu in een plomp zwart gat ineengeklapt? Krijgen wij, kinderen van haar, deze doffe ster nu ook opgeplakt?

Wat bedoel je eigenlijk? Had ze dat plomp gat moeten zien aankomen en er voortijdig ook een eind aan moeten maken? Is ze daardoor nu gedoemd om voor de rest van haar tijd als een dementerende door het leven te gaan? Zal je je ouders en jezelf op tijd kunnen redden voor deze ineenklapping?

Zullen jullie, de achtergeblevenen, nooit meer een ster kunnen zijn?  Zou je, in het andere geval, je ouders niet meer blijven steunen? Zul je je van hen afkeren en hen aanzetten tot een andere beslissing over hun (jouw) leven? 

Dit is meer dan een ongelukkige uitspraak. Het is een uitspraak van iemand die klaarblijkelijk geen dementerende mensen kent. Van iemand die zich gelukkig mag prijzen dat hij (nog) niet bewust met de problematiek van een ander soort leven in aanraking is gekomen: dat van dementerende mensen die wel degelijk in onze maatschappij leven.

Indien je het anders bedoelde, waarom verontschuldig je je dan niet?

Guy, ik hoop voor jou een meer fortuinlijke ouwe dag. Dat je dit soort ernstige perikelen gespaard mag blijven.

Het is hard man, geen enkel rusthuis voor dementerenden is goed genoeg. Ze worden niet goed genoeg verzorgd, hun identiteit is zoek. Ze voelen wel degelijk pijn als ze vallen maar niemand hoort hen. Je zou zo graag met hen converseren maar dat gaat niet meer. Dementerende mensen hebben geen naam meer, je ziet ze niet. Ze worden neergezet in refters, met plastieken tafellakens en onbreekbare bekertjes. Gelukkig proeven ze niet goed meer wat hen voorgeschoteld wordt.

Je huilt in je eentje, als kind, je verliest je ouder lang voor je hem echt verliest. Je hunkert naar liefde die je niet meer geven of krijgen kan.

Bedenk hierbij Guy, dat mijn moeder nog lacht en zingt en dat ze haar kinderen nog herkent, zelfs na zeven jaar dementie. Maar ze kan niet meer beslissen over leven noch dood.

Elke dag is voor haar een nieuwe, net als die voor jou of voor mij zou zijn.

Het doet pijn jongen, het doet ontzettend veel pijn, geloof me. Denk hierover eens na, kerel, voor je je wijze boek wil schrijven. En kijk vooral rondom je heen, heel intensief.

Het zou namelijk ook jou of je dierbaren kunnen overkomen. De ziekte van deze tijd, weet je wel.

Als je ooit wijze raad kunt gebruiken, ik wil je heel graag helpen. Ik heb namelijk een heel lang verhaal over mijn moeder waarvoor de beste zorgen nooit voldoende zullen zijn.  

 

Read Full Post »

Ei-laba

Vogels in gevangenschap; het druist in tegen mijn natuurgevoel. Ik kan wel beweren dat die vogeltjes in mijn volière al in gevangenschap geboren werden toen ik ze aankocht, maar dat excuus keurt het meedoen aan zulke praktijken nog steeds niet goed.

Maar nu die bronskanarietjes het hele jaar door de prachtigste concerten ten berde brengen, ben ik er intussen rotsvast van overtuigd dat ze hier gelukkig zijn.

Afgelopen lente brachten ze vier kleintjes ter wereld. Wegens het incestgevaar moesten die nu de volière verlaten. Buurman Johnny nam ze mee. Ik weet dat ze het bij hem heel goed zullen hebben.

De warme winters hebben ook hun weerslag op het broedgedrag van mijn vogeltjes. Ma kanarie legde achttien dagen geleden haar eerste eitjes. Eentje ervan is al uitgebroed.

Baby kanarie ziet er gezond uit, ook al is ie nog wat kaal. Acht uur licht per dag heeft hij nodig wil hij overleven. Dat zou dus moeten lukken.

Welkom, Punkie!


 

 

Read Full Post »

Wie niet horen wil…


Verleden week, nog niet helemaal hersteld van de griep, knipte ik de stengels van de miscanthus af.
Heerlijk zonnetje, het werd zelfs te warm voor een jas. Dat klusje moest nu geklaard worden omwille van de aangekondigde hakselronde.
Had ik dat maar niet gedaan want nu zit ik met de gebakken peren; een stevige bronchitis en een keelontsteking toe. Doet dat pijn zeg!
Ik heb de laatste nachten bijna mijn amandelen en mijn tong uitgehoest.
Moraal van het verhaal: “Denk nooit te vroeg dat je genezen bent want je kan voor vervelende verrassingen komen te staan”.

Enfin, de stengels van de miscanthus zijn opgehaald. Toch ook mooi meegenomen.

Read Full Post »

Radiostokje

Van Luipaard kreeg ik enkele weken geleden het radiostokje toegeworpen en door mijn laattijdig antwoord gooide de onwetende Patrick er nog eens hetzelfde bovenop. Ik dacht nog: ik zwijg stil, geen kat die er om zal rouwen. De spielerei en de affiniteit die mannen als Menck met muziek hebben, zal ik nooit bezitten. Enfin, let’s get it over with.
Vroeger hadden we thuis twee van die intercomsystemen met drie Vlaamse zenders zodat mijn vader elke morgen de laatste nieuwsberichten kon volgen voor hij zijn bureel introk. Eens hij uit ons vizier verdwenen was, werd onmiddellijk overgeschakeld naar muziek, al was de keuze toen nog erg beperkt.
Op zondag moesten we stil zijn en samen luisteren naar Funiculi Funicula, een programma met klassieke muziek. Daardoor herken ik gelukkig nog een paar van die cultuurdeuntjes die ik niet meer met hun naam kan benoemen. Het zal wel goed geweest zijn voor onze algemene ontwikkeling. Ik zou er trouwens heel dankbaar voor zijn moest iemand zich nog het begindeuntje van dit programma herinneren.  Het ging zo: te te te te te te te te te te te te te, het was iets Duitsachtigs.
Daarna kwam de tijd van Salut Les Copains, alles was toen in het Frans. Ik herinner me nog die Kerstnacht toen iedereen sliep en ik Ma Reine de Saba hoorde op ons rood radiootje. Een vriend heeft dit liedje twintig jaar later voor mij teruggevonden. Ik zal er hem altijd dankbaar voor blijven.
Natuurlijk miste ik de zalige tijden van Radio Veronica en Radio Caroline niet. Dat gemis zou pas een gat in mijn cultuur hebben geboord. Heerlijke zomers waren het. Mijn oudste zus trok op met een bende nozems op de dijk, pseudo stoere kerels met lederen vesten en een grote transistor op hun schouder. Mijn vader was ervan overtuigd dat deze trend de eerste nagel van zijn doodskist zou worden.
Beachparty’s op het strand, de eerste jeugdclubs, jukeboxen, de rivaliteit tussen aanhangers van de Rolling Stones en The Beatles.
Radiozenders zijn voor mij nu van veel minder belang, zolang de pointe van een song niet plots wordt onderbroken door één of andere stupide reclamespot of te luid lallende presentator, ben ik al dik tevreden. Daarom staat hier nooit Q-music of Radio Donna op, ik word er namelijk stapelgek van.
4FM voor de nostalgie, Studio Brussel voor al wat nieuw is.
De radio is voor mij eerder een medium om up-to-date te blijven qua vers muziekaanbod. Voor het overige zorgen mijn dochters er wel voor dat ik niet achter raak.
Geef mij maar muziek van het schijfje, muziek die ik via de radio zelf ontdek.
Zo jammer dat Adele’s muziek, om maar eens een artiest te noemen, bijlange niet meer zo mooi klinkt nu ze overgecommercialiseerd werd door de radio.

Radio maakt wat mij betreft dus ook heel veel muziek kapot.

  

Read Full Post »

Older Posts »