Feeds:
Berichten
Reacties

Archive for april, 2010

Ogen tekort

Mijn poëtische woordenschat schiet duidelijk tekort om te verwoorden wat ik zie en voel.
Ik kan het toch even proberen:
De natuur draait op maximaal toerental; de bladerloze bomen van gisteren hangen vandaag vol pril lichtgroen loof, duiven paren in de bloeiende laurier, mezen leggen dagelijks kilometers af om hun kroost te voederen, de poezen verlaten hun luie stoel, sprieten verschijnen terwijl je er naar kijkt; kikkers springen op de rand van de vijver om te zonnen en op elkaar om te…, ik zie roofvogels overvliegen met hun prooi, mijn volièrekanaries fluiten me wakker, tulpen floepen nog snel open, muggen dansen voluit, larven zoeken zich een weg naar boven en worden gespot door alles wat honger heeft. Je kijkt daar, maar je ziet elders wat anders. Alles beweegt, alles leeft, alles eet, vermenigvuldigt, spruit, paart, ontluikt, zoekt, spartelt, kirt, danst, friemelt, ritselt, klimt, opent, slingert, springt, zoemt, kleurt, …
Neen, ik ben geen poëet en het zal me nooit lukken om uit te drukken wat ik zie en voel.
De foto’s zullen het moeten doen.

Meet en greet; de blauwe regen meets de wilde wingerd

De eerste bloeiende Clematis ‘Betty Risdon’

De monstransboontjes die ik kreeg van Doortje

De boshyacinten uit de tuin van mijn moeder


Brunnera in bloei

Photinia, hij staat roodgloeiend

Zeventien bloemknoppen aan de Clematis ‘Crystal Fountain – Hilda’. Die kreeg ik verleden jaar van Madame.

Advertenties

Read Full Post »

Boel op mijn erf

Wat vooraf gebeurde. 

Dat ik niets van de eendenwereld afweet, is nu wel een feit. Het vervolg van de eendenperikelen heeft intussen lugubere taferelen opgeleverd.
Naar ik vermoed hebben de twee koppeltjes op dezelfde plaats hun eieren gelegd. (Als er slechts één kot voorhanden is, kan je moeilijk iets anders verwachten, maar dat besefte ik toen nog niet.)
Het gevolg is dat die twee paartjes een serieus misverstand hebben moeten uit(bek)vechten. Het loopeendvrouwtje werd zodanig woedend dat het, voor mijn ogen, de eieren van het mandarijnvrouwtje uit het kot haalde, ze op een dinosaurische manier vernietigde en ze vervolgens barbarisch verslond. Het moeten aanschouwen van deze gruweldaden heeft mijn hart geenszins deugd gedaan.
Mijn pogingen om de twee koppels van elkaar te scheiden, mislukte. Kortgewiekte eenden kunnen namelijk opeens wél goed vliegen als ze boos zijn. Er was geen andere oplossing dan de loopeenden bij de kippen onder te brengen. Dat lukte vrij vlot, behalve dat die beestjes het zonder zwemvijver moesten stellen.
Ik ken gelukkig iemand voor wie zo’n kleinood aanleggen een peulschil is. Mits wat graafwerk, een beetje folie, enkele balken en wat nagels was de klus in nauwelijks twee uurtjes geklaard. Om door een ringetje te halen moest dit poeltje hoegenaamd niet zijn.
Mevrouw loopeend kon in haar nieuwe woonst haar volle gat ineens niet langer ophouden; zij zocht à la minute het oude konijnenhok op om er haar eerste ei te deponeren, en dat terwijl haar wederhelft een zalig vers bad nam.
Eind goed, al goed. In de konijnenachterkamer liggen intussen acht dikke eieren klaar om uitgebroed te worden. Voor de gezelligheid leggen de kippen er dagelijks een paar bovenop die ik er telkens voorzichtig tussenuit haal. Eidragende eenden zwemmen niet, dat weet ik nu ook al, al staan ze weliswaar te geilen om een duik te nemen. Wellicht houdt drachtig zwemmen voor die beesten een risico in.
Mijn pluimvee ziet er weer tevreden uit. De kippen zijn nog altijd baas in hun eigen kot en de eenden worden getolereerd op voorwaarde dat ze niet te veel graantjes meepikken. Een nageslacht van eendenkuikens zit er dus nog in, tenzij de natuur er weer anders over beslist.

Read Full Post »

Deze week had ik een eigenaardige ervaring. Op StuBru hoorde ik voor het eerst ‘Sun In My Pocket.’ Een nieuwe zomerhit van Peter Fox, ditmaal in het Engels, zo dacht ik. Onmiddellijk daarna speelden ze ‘Haus Am See’. Gek, tweemaal dezelfde zanger, ging het door mijn hoofd.
Vandaag hoorde ik ‘Sun In My Pocket’ voor de tweede keer. Na wat opzoekwerk vond ik dat dit liedje gezongen wordt door Locnville, een negentienjarige tweeling uit Zuid-Afrika (Ze zijn familie van Charlie Chaplin).
Qua ritme, stem en zomerallure hebben die songs toch veel gelijkenissen? Ervaren jullie hetzelfde?
Of zijn het gewoon twee meezingertjes die de lente aankondigen?


Read Full Post »

We waren met z’n allen niet tevreden over het rusthuis waar mijn moeder verbleef. Ze had geen privacy, er waren eeuwigdurende verbouwingswerken aan de gang (waarschijnlijk om in aanmerking te komen voor subsidies), de bazin schreeuwde voortdurend, de dementerenden werden gedurende uren aan hun lot overgelaten en de ‘zaal’ waar ze verbleven was veel te klein. Verder ook: rolstoelen in veel te smalle liften, een gebrek aan personeel en weinig respect voor de bewoners. De levensomstandigheden van mijn moeder waren ronduit schrijnend.
Plots, na twee jaar, bood een ander rusthuis zich aan. We hadden mijn moeder daar toen ingeschreven . Een kamer kwam vrij.
Moeilijk voor ons om over een eventuele verhuis te beslissen. Hoe zou mijn moeder reageren? Zou ze zich nog kunnen aanpassen aan een nieuwe woonst? Zou ze niet verward raken door deze nieuwe situatie? Zou het haar gezondheid schaden? Vele vragen kwamen plots op ons af, vragen waar we geen antwoord op vonden.
Met drie voor en één tegen kozen we voor het democratisch evenwicht tussen broer en zussen. Binnen de week moest mijn moeder verhuizen zonder dat we zeker wisten of we er goed aan deden.
Als het om het welzijn van mijn moeder gaat, komen we wonderwel overeen. Verhuiswagen, ambulance, opzegtermijn, ieder had zijn taak.
We zijn intussen een maand verder en alles is heel goed verlopen.
Het nieuwe rusthuis is ingedeeld in paviljoentjes waar per huisje 14 bejaarden wonen. Elk paviljoentje heeft zijn eigen keuken waar dagelijks voor 14 personen wordt gekookt.
Niemand wordt er vastgebonden, ook ’s nacht niet. De kamers hebben twee grote ramen en een terras dat uitgeeft op een omheinde groene ruimte met plantenborders. Geen liften, geen trappen, alles is gelijkvloers. De living heeft houten tafeltjes waar rolstoelen gemakkelijk worden ingeschoven. Voor elk een individuele tafelnap, katoenen servetten, een nepplantje op elke tafel. Iedere week is er zelfs een jacuzzibad met sfeervolle muziek.
De verzorgers maken tijd voor elke bewoner, familieleden worden geïnterpelleerd, geïnformeerd en betrokken.
Mijn moeder heeft zich intussen heel goed aangepast en zingt de hele dag ‘Oh dennenboom’ of ‘Oh mon papa’. De radio in de living staat op ‘Nostalgie’.
In het begin wilde ze weer naar huis en was ze boos dat we haar achterlieten. Gisteren vroeg ze me of ze daar mocht blijven overnachten omdat haar benen te moe waren. Ze vroeg me of ik nog even wilde checken of ze een nachtjapon had meegebracht.
Binnenkort, als de temperatuur het toelaat, ga ik met haar wandelen in het nabijgelegen bosje en op haar terras zet ik gevulde bloempotten, een tafeltje en een paar stoelen.
We hebben mijn moeders negenentachtigste verjaardag in het nieuwe tehuis gevierd, met ballonnen, veel bloemen en vooral veel snoep en taart. Ze heeft er duidelijk van genoten.
Mijn moeder voelt zich elke dag beter. Haar gezondheid is fantastisch, haar geest is veel helderder.
Soms moeten kinderen risico’s nemen om hun moeder een betere toekomst te bieden.

Read Full Post »