Feeds:
Berichten
Reacties

Archive for the ‘Chelone’s world’ Category

Buiten dienst

De interesse in dit medium is, toch in mijn geval, al een poos tanende. Voor wat betreft mijn vrijetijdsbesteding heb ik bovendien de accenten verlegd naar nieuwe horizonten.
Combineer bovenstaande twee en de conclusie is snel getrokken: aan dit blog zullen voorlopig geen verse pennenvruchten meer worden toegevoegd.
Misschien komt de zin om er ooit opnieuw in te vliegen terug. Misschien ook nooit meer.

In september 2006 ben ik beginnen te bloggen. En ik heb dat tal van jaren met veel plezier gedaan. Maar de laatste maanden, het laatste halfjaar zelfs, was en is de goesting niet langer mijn gezel. Aan inspiratie nochtans geen gebrek.
Ik wil eenieder die hier kwam lezen, reageren en/of lurken van harte bedanken voor de interesse. Jullie waren een fijn publiek.

Warme groet,
Chelone

Read Full Post »

‘k Was net op tijd met mijn vijverpompje voor het duchtig begon te vriezen. De vissen en de kikkers zullen dus niet stikken onder die dikke ijslaag.
Dit piepkleine bubbelbad doet tevens dienst als drinkplaats voor de dorstige vogels. Ik sta steeds weer versteld van hun intelligente zoekvermogen.

(foto aanklikbaar)

Read Full Post »

Prettige Feestdagen!

Read Full Post »

Lolit(a)o

Hier gebeuren altijd eigenaardige dingen waarvoor ik geen verklaring heb.
Mijn zwarte hennetje, Lolita, doet de laatste weken erg raar. De buren hebben het ook al opgemerkt. 
”Zeg Chelone, heb je ook al gehoord dat hier sinds enige weken een haan huist? Het moet een jong beest zijn want hij doet verwoede pogingen om te kraaien.”
“Sorry buurvrouw, maar ik denk dat je het gedrag van mijn Lolita bedoelt, ik ben er ook al van wakker van geworden.”

Mensen geloven mij dan nooit terwijl ik de harde bewijzen met gemak op tafel kan leggen.
Ik heb namelijk slechts drie kippen die elke dag trouw een eitje leggen. Het legsel van Lolita is gemakkelijk te herkennen: een klein witteke. Oké, zij/hij legt dat pas in de namiddag om eigenwijs te doen, maar dat stiekeme gedoe vergeef ik haar.
Misschien heeft ze, na het recente bezoek van de marter, een trauma opgelopen en heeft ze daartegen een of andere verdedigende attitude opgebouwd.
Of misschien moet ze gewoon haar ei kwijt terwijl ze dat diep vanbinnen helemaal niet wil en eerder de stoere bink wil uithangen.
Ik heb met haar als eens een ernstig gesprek gevoerd omtrent de overlast die ze berokkent bij de buren, dat ze zichzelf kan zijn en zo en dat ze nog steeds welkom is indien ze van geslacht zou willen veranderen. Maar mijn wijze raad gaat resoluut het ene kippenoor in en het andere weer uit.  Ze probeert nog steeds efficiënt te kraaien.
Het is waarschijnlijk nog wat te vroeg om haar met deze problemen te confronteren, denk ik dan.
Intussen kraait hij/zij verder tot ze eraan toe is om eindelijk haar ei aan mij kwijt te geraken.
Het moet allemaal niet zo gemakkelijk zijn voor haar.

Read Full Post »

Toen mijn vader op tweeënzestig stierf, had ik al zoveel verdriet. Ik heb heel veel moeite om belangrijke mensen in mijn leven te laten gaan. Ik heb het zo moeilijk met het aanvaarden van feiten die ik niet zie aankomen, die oncontroleerbaar zijn. Het leven heb je nu eenmaal niet in de hand.
Ik rouw meer om het heengaan van mijn moeder dan ik ooit had kunnen denken.
Geen moeder meer hebben, is verschrikkelijk. Zonder haar zou ik hier niet zijn. Zonder haar zouden mijn kinderen er nooit zijn geweest.
Dit gegeven besef ik nu tenvolle en ik huil. Ik huil wanneer ik het wil en voel dat het moet, om te kunnen aanvaarden.
Gedurende enkele weken had ik geen oog voor de natuur, ik stelde me vragen over het leven. Hoe het verder gaat en evolueert, hoe de flora groeit, welig tiert en nooit stopt om je even te laten pauzeren.
Stilaan word ik rustiger en ben ik blij dat hier zoveel planten staan uit mijn moeders tuin. Zij was het die me de liefde voor de natuur meegaf. Ze kende alle namen van de planten zowel in het Nederlands als in het Frans en Latijn.
Elke zaterdag ging ze naar de Mechelse plantenmarkt om nieuwigheden. Ze sleurde telkens zakken plantjes mee die ze amper kon torsen.
De laatste weken is hier alles weelderig gaan groeien. De prairietuin krijgt langzamerhand een gezicht, een verdubbeling van hetgeen verleden jaar nog piepjong was. Het staat allemaal dikker, sterker.
Met een paar weken vertraging door de lage voorjaarstemperaturen en de overvloedige regen, is er nog steeds niet veel kleur te bespeuren in de tuin. Hij heeft dringend zon nodig. Maar there is more to come. Met mondjesmaat genieten van het nu duurt immers zoveel langer.
In de volière zijn de eerste drie valkparkietjongen uitgevlogen. Er zitten nog twee mama’s te broeden in de andere nestblokken.
Nieuw leven, nieuwe hoop.
En zoveel mooie herinneringen aan mijn moeder.

( alle foto’s aanklikbaar voor een groter formaat )

Read Full Post »

Liefste Moeschke,

Plots ben je er niet meer…

Pappie koos je uit als ‘zijn vrouwtje’ omwille van je stijl, je bijzonderheid, je schoonheid, je spontaniteit, je sterkte, je perfectionisme en je artistieke talenten.
Je was zijn ambassadrice die altijd even chic en mooi aan zijn zijde stond. Enkel de zon was zijn rivaal.
Samen waren jullie zo blij en fier met een kroost van vijf.

Met het verlies van je zoon heb je het verschrikkelijk moeilijk gehad.
Gelukkig was Pappie er om je te ondersteunen. Uiteindelijk kreeg je weer zin in het leven.

Na Pappie’s vroegtijdig overlijden moest je van de ene dag op de andere zoveel taken van hem overnemen terwijl het verdriet om zijn heengaan zo ondraaglijk was.
Maar je liefde voor de natuur, voor muziek en voor je kleinkinderen bracht weer fleur in je leven en toverde opnieuw een lach op je gezicht.

De laatste tijd heb je intens moeten vechten; je verloor de trots, de fierheid en de zelfstandigheid die jou zo kenmerkten.
Beetje bij beetje moesten we je loslaten. We merkten jouw machteloosheid maar konden je niet meer helpen.
Je laatste verjaardagswens was dat je kinderen het goed met elkaar zouden vinden.

Je hoeft niet meer te vechten, je taak is meer dan volbracht.
Lieve Moeschke, rust hierboven maar zacht,
Je man en zoon hebben op je gewacht.

Read Full Post »

AnneTanne’s tuinproject blijf ik volgen. Ondertussen zijn we al aan deel twee.
Het is februari en ijskoud (tijdens het nemen van de foto’s was het -10 °C). Mijn tuin ziet er nog grosso modo hetzelfde uit als in januari, maar is weliswaar volkomen verkleumd. Op de vijver ligt een dikke laag ijs en het resterende groen voelt broos en breekbaar aan.

De vijver is dichtgevroren, maar via een luchtpompje hou ik een wak open. Daarmee krijgen vissen en kikkers de nodige zuurstof en wordt er een – drukbezochte! – drinkplaats voor de vogels gecreëerd:

Het jongste tuingedeelte op zijn winters. Kil en kaal:

De voortuin baadt in een betoverend winterlicht:

Winters aperitiefje op de vijver? Geen enkel probleem.
Schol!

UPDATE:
Ondertussen is het twee uur later en ziet de tuin er al helemaal anders uit. Aperitieven zou net ietsje moeilijker zijn nu.

(Foto’s aanklikbaar voor groter. Met dank aan mijn dochter om als verkleumde fotografe te fungeren.)

Read Full Post »

I wish you…

In de kribbe ligt het kindeke
van wel zeven pond.
Het drinkt zijn melk zo zoetjes
en is dus heel gezond.
Jozef is bijzonder trots
en Maria kijkt verrukt,
als het kindeke in zijn luier
het woordje ‘vrede’ heeft gedrukt.

Fijne Kerst, iedereen!
Chelone

(Foto: Chelone)

Read Full Post »

Ver-tuin-huisd

Zeventien jaar overleefde het, eenzaam gebukt onder de eiken en de dennen van een bosrijk gebiedje dat ik gratis in pacht had.
Nu de grond naast mij een nieuwe eigenaar kreeg, moest ik beslissen: de afbraak en wederopzetting van mijn tuinhuis of een nieuw exemplaar.
Dilemma, dilemma. De investering in een nieuwe tuinschuur met een afmeting van vier bij vier is tegenwoordig enorm prijzig en de kwaliteit van het hout is lang niet meer wat hij vroeger was.
Maar zo’n groot ding afbreken en opnieuw opzetten, wie kan zoiets?
Avontuurlijke en immer positief ingestelde buurman Johny was al eens poolshoogte komen nemen.  Volgens hem zou zo’n verhuis, mits vereende krachten, doenbaar zijn maar het kon ook totaal mislukken.
Wat had ik eigenlijk te verliezen? Het tuinhuis moest daar hoedanook verdwijnen.
Het bitumen golfdak verwijderen was de gemakkelijkste klus; na zoveel jaar was het total loss. Daarna de honderden stormnagels uitwrikken was een werk van lange adem. De zware zijpanelen (uit één stuk!) werden provisorisch ‘losgekoppeld’ van het grondvlak, wankelend aanleunend tegen een paar dikke eikstammen. Benevens een paar olievlekken waar de grasmachine jarenlang had gestaan, bleek de vloerplaat intact.
De verhuis van de zijkanten vergde extra mankracht. Buurman Johny kwam aanrukken met zijn buurman Ludo. Middels een steun op wieltjes, en heel veel zweet van vier personen, kregen we de wanden waar ze zijn moesten: op hun nieuwe bestemming, zowat vijftig meter verderop.
En kijk, mijn tuinhuis is zowaar verplaatst naar mijn eigen tuin. Twee lagen beits heeft het gekregen (zuipen dat dat hout deed!)  Raampjes lappen, nieuw opstapje, winterviooltjes in de bloembakken en klaar is kees.
En oordeel nu zelf: ziet het er niet splinternieuw uit? Oude bomen verplaatst men niet, oude tuinhuizen daarentegen blijkbaar wel.
Buurmannen Johny en Ludo kregen een assortiment West-Vlaamse bieren (hun roots), als dank voor de geleverde hulp: Dulle Teve, Brugse Zot, Moeder Overste, Oerbier, Arabier, Ichtegems Oud Bruin, Thouroutenaere, Dikke Mathile, Boskeun,…
Iedereen was content, vooral ik.
Bedankt, mannen!

Het oubollige tuinhuis



Een nachtje binnengeregend wegens nog geen nieuw dak


Het nieuwe tuinhuis

Read Full Post »

Vlinder zoekt kleur

Die fluorescerende kip, die op de deur van het kippenhok de wacht houdt, kreeg ik van mijn lieve buurvrouw.
Ging er daar toch zeker geen Atalanta op zitten! Ik mocht steeds dichterbij komen om haar in beeld te nemen.

Read Full Post »

Leven en laten

Chelone heeft een blog, maar eigenlijk blogt ze nauwelijks. Iets voor tijdens de winter, denkt ze dan. Maar als het eenmaal winter wordt, blijft haar blog even onaangevuld. Ze gaat ook niet naar de nieuwsjes van andere bloggers kijken. Het interesseert haar allemaal wel maar ze komt er niet toe. Chelone loopt vaak rond als een kip zonder kop. Ze streeft prioriteiten na, maar heeft die eigenlijk niet. Principes evenmin. Chelone slaat uren en dagen over en minuten zijn voor haar doorslaggevend.
Chelone is into blogging als ze er zin in heeft. Dan gaat ze eerst haar links af: een paar van boven naar beneden, enkele van beneden naar boven en het middelste gedeelte, daar komt ze eigenlijk nooit toe want dan is ze die dag moegeblogd. En de volgende dag is ze al weer vergeten dat ze het middelste gedeelte niet bekeken heeft. Dan schrijft ze zelfs geen eigen stukje meer want daartegen is het alweer bedtijd. Op zo’n momenten heeft ze schuldgevoelens, altijd weer die schuldgevoelens. Heel veel interesse, heel veel medevoelen maar de dagen zijn zo vre-se-lijk kort.
Chelone heeft ook geen bijval nodig, ze is eigenlijk altijd content met wat ze krijgt. Komt er iemand op haar blog kijken, dan is ze blij. Een sporadische buur, altijd leuk. Ze kijkt ook nooit naar de blogstatistieken want waar zou dat goed voor zijn?
Chelone is eigenlijk een beetje een weirdo. Ze kan heel sociaal zijn maar plots ook weer in zichzelf gekeerd.
Ze houdt zoveel van alle mensen maar kan slechts een klein groepje aan, een heel kleintje, tegelijkertijd.
Chelone kan urenlang naar de natuur kijken, naar details, als naar een mier die zijn vracht naar zijn nest brengt. Of een vreemde vogel bespieden, of zaadjes verzamelen, of het gedrag van de kippen bestuderen. Daarna is ze boos op zichzelf dat ze zich zo heeft laten meeslepen. Chelone is allerminst een wintermens, ze is gek op al wat leven is.
Chelone zou het allemaal anders willen doen, maar ze weet dat ze het niet zou kunnen en haar nu nog willen veranderen heeft weinig zin.
Daarom post ze weer enkele foto’s op haar blog, in de hoop dat jullie haar een beetje begrijpen.

De hamamelis die nu bloeit?

Read Full Post »

Zo luidt het verdict na mijn eerste autokeuring.
Ik ga vooraf nooit naar de garage om mijn auto klaar te stomen voor een nakende keuring. Enkel de dealers hebben daar benefiet van, vooral als je de onderhoudsbeurten keurig naleeft. Dat deed ik ook de afgelopen vier jaar en als je bedenkt dat mijn kilometerstand slechts 30.000 km aangeeft voor achtenveertig maanden rijgenot, zou dat geen problemen mogen opleveren.
De middagpauze bij de keuringsdienst was voorbij, hét ideale moment om mijn wagen te laten schouwen. Wagen netjes gewassen, de motorkap halfstok, de gordels voor- en achteraan vastgegespt en de benzineklep op een kiertje. Alles volgens de voorschriften op de affiche die achter het stopteken stond. Ik hield halt bij de streep alvorens het guillotinedistrict binnen te rijden. Goeienamiddagwensen werden uitgewisseld. Vriendelijke kerel; hij had er duidelijk zin in.
Of ik het immatriculatienummer van de wagen wilde laten zien.
“Hm, bevindt zich dat niet onder de motorkap?”
“Neen mevrouw, dat zit dáár.” Hij wees naar binnen.
“Waar?”
“Onder de passagiersstoel, onder een lepje (sic) . Een stukje dat u had moeten doorknippen, zodat een metalen plaatje zichtbaar zou worden waarop een nummer gedrukt staat.”
“Oei, meneer, zit dat tegenwoordig daar? Daar heb ik nog nooit van gehoord. Sorry, ik ben een echte leek in die dingen.”  
Hij bekeek me ineens alsof ik de achterlijkste oen van heel Vlaanderen was. Ik kreeg ook geen antwoord op mijn vraag. De vriendelijke kerel van daarnet kreeg plots een ontieglijk slecht humeur. Ik sleurde aan dat lepje en aan de stippellijntjes eromheen. Dat lukte niet. Daarna deed hij een banale poging die er eigenlijk geen was.
“Heeft u misschien een schaar, meneer?” vroeg ik. Weerom geen antwoord. Hij ging naar zijn ‘keuringskotje’ en kwam terug zonder schaar of mes. Ik had slechts een pincet in mijn auto liggen om mijn kinhaartjes te verwijderen tijdens het rijden. Het licht in de auto is immers allesonthullend. Mijn nagelschaartje lag jammergenoeg thuis.

Om kort te gaan: mijn karretje kwam met grote onderscheiding uit de strenge controle. Toch ontving ik een keuringsbewijs “met beperkte geldigheid”. Tot 29 november van dit jaar, meer bepaald. Van zo’n soort keuringsbewijs heb ik nooit weet gehad. En dat alleen omdat mijn chassisnummer onvindbaar of onleesbaar was. Er zal opnieuw een volledige keuring worden verricht, zo staat te lezen op dat papier.
Zijn deze maatregelen alleen geldig voor Kia’s of zo? Staat jullie chassisnummer ook op een plaats zo verdoken als die in mijn auto?
Een chassisnummer wegmoffelen achter een verdomd ‘lepje’: zeg nou zelf…
En er dan zo een kabaal over maken!

Read Full Post »

Plop-ups

‘Door de combinatie van een erg droge periode in mei en juni, gevolgd door een natte maand juli, kan het gebeuren dat er her en der al eens een paddenstoel in uw tuin opduikt.’
Aldus deredactie.be.

Her en der een paddenstoel?
Eén?
Mwoehahahaaa!

(Foto: Chelone – aanklikbaar voor groter)

Read Full Post »

Prairie à gogo!

Ik heb een gedeelte van mijn achtertuin omgevormd tot prairietuin, iets wat de trouwe lezers van mijn blog wel al wisten. Ondertussen is dat stuk twee en een halve maand jong en al behoorlijk tot wasdom gekomen. Tijd dus om wat dieper in te gaan op het hoe, wat en waarom.

Al van begin vorig jaar liep ik met het idee rond om de borders rond te vijver te liquideren. Het was daar ellende troef, zeker bij langdurige droogte. De grond was onbewerkt en bijzonder arm, de plantenkeuze onaangepast. Meer en meer verwerd de vijverrand tot een rommeltje van jewelste.
Toen Laurence Machiels vorig jaar het (prachtige!) boek ‘Prairietuinen’ op de markt bracht, heb ik het me meteen aangeschaft. Hoe meer ik me er in verdiepte, hoe verliefder ik werd op het concept. Want een prairietuin is erg onderhoudsvriendelijk en arbeidsextensief. Bovendien is hij visueel zeer aantrekkelijk, ongelooflijk wintervast, zelfregulerend en een uitmuntende nectarbron voor insecten.
Prairietuinen worden ook steeds meer gepromoot als de nieuwe visie op ecologisch tuinieren, maar dat is dikke onzin, natuurlijk. Het zijn per definitie géén ecologische tuinen. De planten die gebruikt worden in een prairietuin zijn uitheems en sommigen ervan kunnen invasief worden. Het risico op uitzaaiing is bijgevolg steeds aanwezig. Bovendien wordt voor de aanleg van een prairietuin vaak gebruik gemaakt van vreemd bodemsubstraat zoals lava en bentoniet. Zij die zweren bij tuinieren onder een ecologisch gesternte, gaan best naar andere ideeën op zoek.
In de herfst van vorig jaar maakte ik de oude borders leeg. Er ging quasi geen flora verloren; ze verhuisde naar nieuwe plekken in de tuin die vooraf grondig waren verrijkt met compost en voedingssupplementen. Het was zwoegen met een kapitale Z, maar het resultaat was – en is nog steeds – uitermate bevredigend.
De op die manier vrijgekomen ruimte rond de vijver werd vervolgens aangepakt. Twee zieke bomen wisselden het tijdelijke met het eeuwige. Hun stronken werden vakkundig uitgefreesd. Daarna werd de bodem onder handen genomen: diepfrezen, een dikke laag compost én bentoniet aanbrengen en inwerken en de ganse winter laten rusten.
Dit voorjaar staken onkruid en enkele alsnog achtergebleven planten alras de kop op. Die bleef ik verwijderen tot ik uiteindelijk nog slechts een kaal veld bekwam. Het plannen en planten kon beginnen.
Het plannen vertrouwde ik toe aan een bevriend tuinaannemer. Hij beloofde me er al mijn wensen in te verwerken. Dat resulteerde uiteindelijk tot deze kleurrijke schema’s die ik mijn zegen gaf:

Border 1:

Border 2:

Border 3:


[ Plantenfoto’s zijn aanklikbaar voor groter ]

Begin mei van dit jaar zagen de vers aangeplante prairieborders er nog behoorlijk deerniswekkend uit:

Er werd me echter een spoedige groei voorgehouden, iets waaraan ik ten zeerste twijfelde. Ik ben iemand van snel resultaat en kon niet geloven dat de zomerse borders al een uitbundige aanblik zouden bieden. Ik vergiste me deerlijk, want amper twee en een halve maand later ziet een en ander er als volgt uit:

[ Foto’s zijn aanklikbaar voor groter ]

Om kort te gaan: ik ben in de zevende hemel. De achtste, zelfs.
De nog jonge aanplant biedt een wonderlijk kleuren- en lijnenspel dat in voortdurende evolutie is. Ik verwonder me dagelijks over de groeikracht van mijn nieuw verworven flora, net zoveel als ik me verwonder over de gewonnen rijkdom aan vlinders, bijen, hommels en tal van andere insectjes die mijn prairietuin frequenteren. Het is hier een gezoem, gegons en gewriemel van jewelste. Denk daar nog eens het kikkergekwaak bij en de oorstrelende kakofonie is compleet.
Weet je, ik beklaag al de mensen die geen prairietuin hebben. Nèm!

Read Full Post »

De tuin en ik. Nu er wat regen gevallen is, zijn we beiden content.

De laatste twee zijn ‘by night’

Read Full Post »

In maart is mijn moeder negentig jaar geworden. Ze overleeft haar man al eenendertig jaar.
Lichamelijk mankeert ze niets. Geestelijk is het lastiger.
De laatste maand zingt ze niet meer. Ze vergeet zelfs hoe ze moet neuriën.
Het is alsof ze nu al haar krachten bundelt om zich maximaal te verzetten tegen haar kinderen en het verplegend personeel.
Voor ons wordt het keer op keer moeilijker als we haar gaan bezoeken. Ze daagt ons uit, ze vernedert en kleineert ons, ze gebiedt en commandeert en viseert ons op emotioneel en lichamelijk vlak. We zijn – en ik citeer – “dom, blind, doof, zot en onnozel”.
Ze praat liefst Frans en verbetert mijn fouten en mijn uitspraak en schept er genoegen in om me op die manier belachelijk te maken.
Ik vraag me vaak af of ze beseft dat ze ons pijn doet. Wat ik wel weet is dat ze ontzettend boos wordt als ik haar zeg dat ik haar niet mee kan nemen naar huis omdat ik haar niet kan optillen uit de rolstoel. Ze ontkent nog steeds dat ze niet stapt, geen boodschappen doet en al lang niet meer het huishouden op zich neemt. Ze “vergeet” en verloochent dat ze  in een rusthuis verblijft.
Af en toe vraagt ze om een sigaret. Ze voelt het niet meer als haar vingertoppen verbranden. De uitgerookte peuk moeten we met de grootste omzichtigheid vantussen haar twee vingers zien te plukken, met veel gevloek als gevolg.
Ik droom vaak van een innige relatie met mijn oude moeder: het gekoester, de kusjes, de wederzijdse attenties, de geborgenheid, het zorgen voor haar, het begrip voor haar taal, voor haar behoeftes die ik zo graag zou begrijpen.
Mijn notitieboekje heb ik nog steeds op zak. Ik noteer er al haar mooie bewoordingen in.
Ze worden steeds schaarser, maar de inhoud ervan wordt voor mij des te belangrijker. Ik lees haar steeds voor wat ik opschrijf en zeg haar telkens dat haar woorden zo leerrijk zijn.
Ik leer, ik zoek de mooiste eigenschappen van mijn moeder want enkel die wil ik blijven onthouden.

Toen ik haar, na 10 pralines, geen elfde wilde geven en haar een bekertje water gaf:
“Ik zou nog chocolade moeten hebben om dit water door te spoelen.”
En ook:
“Alle dingen die voorbij zijn, zijn voorbij en vergeten.”
“Iedereen laat mij alleen tot als ik sterf.”
“Als dit koekje op is, zal ik het missen.”
“Jullie komen mij niet bezoeken omdat het te veel geld zou kosten.”
“Mijn stelsel is foutief.”
“Narcissen zijn olifantenbloemen.”
Toen ik naar huis wilde vertrekken: “C’est une chance que tu est ici dans l’absenté.”
Glucosamine: kraakbeen
Een rolluik:  een froufrou
“I love you more than you have the supposition.”
“Die horeca’s waren heel lekker, ik heb er een hele bladzijde van gegeten.”
“De radio zet ik vaker op omdat die meer sonaliteiten geeft.”
“Kanticlair wil zeggen: grand et petit, donker en licht.”
Toen ik haar vroeg wat ze die dag had gegeten:
“Un cas de force majeure.”
Toen ik haar vroeg wat ze gedaan had die dag:
“Je suis toujours en train de faire le pied-à-terre.”
Daarop vervolgde ze:
“Die onrechtmatigheid en die vochtigheid gaan niet uit mijn rug.”
“De koffie is ijswarm, hij zal morgen nog niet afgekoeld zijn.”

Je hoort het vaak van familieleden van een dementerende ouder: op deze manier willen ze niet oud worden. Mijn kinderen weten het nu al: ik zal, hoop ik, bijtijds op papier kunnen zetten wanneer ze moeten beslissen om me te laten gaan.

Ik wil niet dat mijn moeder sterft.

Read Full Post »

Lentedecibels

Voorlopig zijn de buren nog niet komen klagen;  het zijn dan ook zeer tolerante en vriendelijke mensen. Maar trop is soms echt teveel!
Dit jaar maakt de groene horde het werkelijk heel bont. Die jongens mogen zich te pletter amuseren maar af en toe moeten ze ook eens hun bek houden.
Een dertigtal kikkers, waaronder een (luidruchtige!) meerkikker, bezorgt de buurtbewoners de laatste drie weken slapeloze nachten. Allen hebben ze elkaar onderhand al ettelijke beurten gegeven en nog willen ze van geen ophouden weten. Vrouwtje boven, mannetje onder, of omgekeerd; ik heb de indruk dat het hen al lang niet meer om het nageslacht te doen is.  Eerder om het spelevaren en om de pure seks.
Als die bewuste meerkikker zijn keel openzet en pretentievol begint te schaterlachen, heb ik zelfs moeite om in slaap te vallen. Bezoekers vragen zich bovendien bekommerd af of ik niet opgescheept zit met de beruchte uitheemse brulkikker.  
Maar ze zijn zo ontiegelijk grappig en halen de meest onwaarschijnlijke stunten en salto’s uit.
Het is mei, het is paartijd en dat zal ik dit jaar geweten hebben!

Onderstaand fimpje van mijn poepvijver maakte ik afgelopen weekend:

Read Full Post »

Bellis perennis

Verleden jaar, omstreeks deze tijd, werden ze in een van de twee goedkopere Duitse winkelketens te koop aangeboden.
Ik kon er toen niet aan weerstaan; die bloemetjes prikkelden mijn ogen door hun felle kleurtjes en hun weelderigheid in de veel te kleine potjes.
Wist ik veel dat ik de door quasi iedereen gekende madeliefjes had gekocht?
Maar deze oogden zo anders: ze waren dikker dan de doorsnee meizoentjes en hun kleur was benevens wit ook dieprood en roze.
Ze verhuisden naar een grote verweerde en afgebrokkelde terracottaschaal. Daarin stonden ze beeldig te wezen. Van maart tot eind oktober zijn ze blijven schitteren.
Omdat ik twijfelde aan hun effectieve winterhardheid bracht ik ze naar mijn (bijverwarmde) serre om er te overwinteren. Daar zijn ze blijven bloeien, de hele winter lang.
Gisteren besloot ik om ze naar buiten te brengen, naar mijn nieuw aangelegde voortuin.
Ze hebben zich intussen stevig vermenigvuldigd. Hopelijk heb ik ze niet te veel verwend door ze tijdens de wintermaanden warm te houden.
Een simpel madeliefje dat zoveel vreugde kan afdwingen!

In hetzelfde logje nog snel een foto van een actieve dubbeldekker. Hier wordt op dit moment zo heftig gepaard dat het geen naam meer heeft. Gepáárd zeg ik? Ik zou er liefst wat stevigere adjectieven voor gebruiken indien ik beestiger zou mogen/durven schrijven.

(Foto’s aanklikbaar)

Read Full Post »

Rondje paddendans

Een al te vroege enkeling had ik verleden week al zachtjes horen kwaken. Het kon niet waar zijn, ik moest me vergist hebben.
En toch: vanavond hoorde ik hem een octaafje hoger kreten nadat ik uit de douche was gestapt. Het miezerde en de temperatuur viel mee. Een typisch paddentrekweertje. Zou hij al succes geboekt hebben bij wijfjes?
Frisgewassen na het buitenwerken toog ik, omstreeks negenen en gehuld in mijn dikke fleecepeignoir, de tuin in om een rondje te doen langs de vijverrand.
Niet één maar zo maar eventjes zesentwintig padden lagen daar hun pootjes te strekken.
Op 25 februari? Drie weken vroeger dan vorig jaar?
Voor degenen die me niet zouden geloven: met opgerolde mouwen viste ik er in de gauwte een tiental uit het water en deponeerde ze in mijn emmertje. Ze vonden het absoluut niet leuk, maar voor deze foto moesten ze toch even het water uit.
Mijn telrecord – verleden jaar – was 119 (!) stuks op 19 maart. Nu zijn die diertjes drie weken vroeger op pad. Wedden dat dit record snel verbroken wordt?

Read Full Post »

Stout, stouter, stoutst

Soms zou ik mijn moeder het liefst achter het behang plakken en er haar vijf minuten later weer uithalen natuurlijk. Maar dat doe je niet, als voorbeeldige dochter van een bijna negentigjarige moeder.
Als ik me honderd procent goed voel in mijn eigen vel, valt alles  wel mee. Alhoewel, op die momenten heb ik zin om grapjes met haar uit te halen wat dan ook weer niet in goede aarde valt. Dan mag ik niet zo onnozel en achterlijk doen van haar.
Ik twijfel heel vaak of mijn moeder wel degelijk dementerend is. Dementie verloopt namelijk in verschillende fasen. De ontkenningsfase duurt bij haar al een eeuwigheid en de agressieve periode zal waarschijnlijk nooit meer voorbij gaan.
‘It’s a hard  knock life for us’ vooral omdat we niet weten of zij het al dan niet moeilijk heeft met haar leven. We hopen dat ze gelukkig is maar dat zullen we nooit met zekerheid weten.
Zolang ik veel chocolade, snoepjes en koekjes meebreng, is onze relatie uitstekend en kan er niet veel stout gepraat worden. Maar van zo gauw die verorberd zijn of er een andere bewoner van het rusthuis te dicht in haar buurt komt, loopt alles mis. Ik heb mijn moeder vroeger nooit zo horen vloeken.
In het begin van het bezoek ben ik de allerliefste, de door God gezondene. Een paar minuten later ben ik verfoeilijk omdat ik het bekertje koffie niet bij haar bekertje bier wil gieten.
Ik heb het er soms heel lastig mee als ze me zegt dat ik oerdom ben en altijd al een moeilijke dochter ben geweest. Als ze mijn achterste vreselijk dik vindt en liever zou hebben dat ik haar nooit meer zou bezoeken.
Op de weg terug moet ik vaak mijn tranen verbijten en is het voor mij niet altijd evident om haar gedrag aan haar ziekte toe te schrijven.
In goede dagen kan ik haar zeggen dat ze gelukkig alerter, jonger en slimmer is dan ik en dat ze veel sneller loopt, het hele huis heeft schoongemaakt en veel boodschappen heeft gedaan. In mijn minder goede dagen wil ik daar zo gauw mogelijk weg als ze me weer beledigt en uitscheldt.  Dan heb ik medelijden met de verpleegsters die worden gekrabd en afgesnauwd.
Ik probeer soms te experimenteren met mijn moeder; als ik haar erop wijs dat ze niet lief is,  dat haar mondhoeken of handen vuil zijn, dat je geen  spaghetti en koeken samen eet of dat ze nu al teveel gedronken heeft. Voelt zij dan ook enige pijn of andere gevoelens? Waarom beseft ze het ene en het andere dan weer niet? Waarom kan ze meedogenloos pijn doen aan anderen en zelf geen pijn verdragen?
Begrijpt ze dat ik naderhand huil? Kan zij ook nog huilen? Kan ze nog denken, voelen?
Wat denkt ze voor ze in slaap valt? Peinst ze nog na over haar overleden man of zoon? Mist ze hen, mist ze ons? Heeft ze smakelijk gegeten, is ze gelukkig?
Ik weet het allemaal niet en er is blijkbaar niemand die me op al deze vragen een antwoord kan geven.
Ze zuigt me naar haar toe. Elke keer opnieuw probeer ik haar te zeggen dat ik haar graag zie en vraag ik haar of ze nog weet hoe gelukkig we waren. Vader, moeder en vijf kinderen.
Zij weet het niet meer en zal zich die gelukkige tijden nooit meer herinneren.
Of wel?

Read Full Post »

Older Posts »